Vraag: raadslidvergoeding overmaken naar partijkas
Is de verwijzing van de SP- fractie naar het Burgerlijk Wetboek artikel 116 lid 2 (een schuldeiser kan zelf bepalen waar zijn geld naar toe wordt overgemaakt) een terechte verwijzing?
Antwoord
De VNG geeft op haar site het volgende antwoord op de vraag of
een gemeente de raadslidvergoeding in opdracht van het raadslid kan
doorbetalen aan de SP:
"Voor de gemeente is op grond van de Kieswet relevant dat een
inwoner van de gemeente is gekozen tot lid van de gemeenteraad
(...). Op grond van de Gemeentewet heeft betrokkene recht op een
vergoeding voor zijn werkzaamheden en een onkostenvergoeding (...).
Die kan hij niet weigeren en de gemeente is gehouden die aan hem te
doen toekomen. Betrokkene geeft daarvoor een rekeningnummer op waar
de gemeente deze vergoeding zonder enige terughoudendheid op dient
te storten. Wat betrokkenen daar verder mee doen is niet aan de
gemeente ter beoordeling. Aangezien een wedde of onkostenvergoeding
aan de persoon in kwestie toekomt, is het beantwoorden van de vraag
of een vergoeding via een acte van cessie kan worden overgedragen
niet meer relevant.
Er speelt overigens ook nog een fiscaal aspect mee. De betrokkene
dient over zowel de raads- als de onkostenvergoeding belasting te
betalen ondanks het feit dat ze hun vergoeding in het geheel
overdragen. De gemeente is verplicht in het kader van fictief
werknemerschap loonbelasting in te houden dan wel is betrokkene
verplicht inkomstenbelasting te betalen als hij de status van
fiscaal zelfstandige heeft". Hieruit vloeit voort, zoals ook
al bij andere gelegenheden gesteld, dat een wetswijziging nodig zal
zijn aan om deze afdrachtregeling een einde te maken.
In dat verband kan ook nog gewezen worden op een mededeling van de
Voorzitter van de Tweede Kamer van 15 januari 2004. Hierin komt hij
tot de conclusie dat hij "...geen bevoegdheid (heeft) om
maatregelen te treffen bij twijfel over de verenigbaarheid van
bepaalde regelingen met de zuiveringseed. Meineed is geen
klachtdelict. Bij afwezigheid van beslissingen over precedenten en
van jurisprudentie, ziet de Voorzitter ook geen aanleiding tot het
doen van uitspraken in het geval dat nu aan de orde is".
Het bovenstaande laat natuurlijk onverlet dat velen een dergelijke
afdrachtregeling inmiddels ongewenst achten (zie opvatting minister
BZK, CdK Utrecht, prof. Elzinga). Maar zolang er geen wettelijk
verbod is en geen jurisprudentie op dit punt bestaat, zal aan deze
regeling naar verwachting niet snel een einde komen.
Over dit thema verschenen onder andere de volgende berichten:
• Remkes: geen financiering SP via overheid
Minister Johan Remkes van Binnenlandse Zaken wil dat de overheid
niet langer meewerkt aan de inkomensafdracht van SP-Tweede
Kamerleden aan de partij. Hij bereidt daartoe een wetsvoorstel
voor, aldus de woordvoerder van de VVD-bewindsman dinsdag. Het
honorarium van SP-Kamerleden wordt nu gestort in de partijkas van
de SP. Vervolgens ontvangen zij van de partij een vergoeding voor
hun Kamerwerk. Remkes vindt het niet de rol van de overheid om aan
deze constructie mee te werken. Hij heeft dat al eerder gezegd.
Inmiddels is gebleken dat het wijzigen van deze praktijk alleen kan
via wetswijziging. Bron: Overheidsportal
• Douwe Jan Elzinga betitelt de cessie-overeenkomsten met de
SP als nietig vanwege strijd met de Grondwet.
Het is gemeenten niet toegestaan om handelingen te verrichten die
strijdig zijn met grondwettelijke uitgangspunten. Elzinga vindt dan
ook dat aan de cessiepraktijken een einde moet komen. Bron:
Binnenlands Bestuur 13 oktober 2006
• Volg de discussie op de weblog van de Vereniging van
Griffiers