Direct naar Hoofdmenu / Zoekveld
Home / Vraag en antwoo... / Veelgestelde vr... / Vraag: korten o...

Vraag: korten op onkostenvergoeding raadslid

Is het juridisch mogelijk om te korten op de onkostenvergoeding van een raadslid indien deze regelmatig afwezig is?  

Antwoord

Op basis van het rechtspositiebesluit raads- en commissieleden wordt aan raadsleden een vergoeding voor de werkzaamheden toegekend tot de maximumbedragen. Deze staan genoemd in tabel I bij het besluit. Voor de onkostenvergoeding is een zelfde bepaling opgenomen. De raad kan bij verordening tot ten hoogste 20% naar beneden afwijken van de bedragen, genoemd in de bij de rechtspositiebesluit behorende tabellen. In artikel 4 van het rechtspositiebesluit is vastgelegd, dat de raad bij verordening kan bepalen, dat ten hoogste 20% van de vergoeding voor de werkzaamheden wordt uitgekeerd, berekend naar het aantal gehouden vergaderingen. In dat geval geschiedt de uitkering aan het lid van de raad op basis van het aantal bijgewoonde vergaderingen.
Uitgangspunt van het rechtspositiebesluit is, dat de regelingen die hieruit rechtstreeks voortvloeien dan wel bij verordening nader worden geregeld, voor alle raadsleden in een gemeente in dezelfde mate gelden. Dit om willekeur en 'politieke spelletjes' op dit punt te voorkomen. Er kan dus in de rechtspositieverordening worden geregeld, dat 80% van de raadsvergoeding op de normale wijze wordt uitgekeerd en 20% in de vorm van presentiegeld, maar dat geldt dan voor alle raadsleden en niet slechts voor raadsleden, die door de raad daartoe worden aangewezen, zoals bv. zij die vaak afwezig zijn of spookraadsleden. Zij kunnen dus niet individueel gekort worden.
 

06 apr 2010


Zoeken in de website: