Direct naar Hoofdmenu / Zoekveld
Home / Vraag en antwoo... / Veelgestelde vr... / Vraag: Wijze va...

Vraag: Wijze van beantwoording

Een raadslid heeft het recht om mondeling en schriftelijk vragen te stellen. De wijze van beantwoording is echter niet geregeld. Betekent dit dat het college altijd vrij is in de keuze van beantwoording indien het RvO dit toestaat? Met andere woorden, kan een raadslid schriftelijke beantwoording eisen?

Antwoord:

Mondelinge vragen worden doorgaans mondeling beantwoord zoals ook de bedoeling is. Het komt wel voor dat het antwoord niet direct beschikbaar is. Dan volgt schriftelijke beantwoording.

Op zich kan het per gemeente verschillen. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat het RvO bij schriftelijke raadsvragen bepaalt dat bij de vragen wordt aangegeven of schriftelijke of mondelinge beantwoording wordt verlangd. Meestal geeft men niets aan en volgt schriftelijke beantwoording. Het raadslid kan hier dus wel schriftelijke beantwoording verlangen, eisen is wat te sterk uitgedrukt.

Een andere gemeente kent de variant dat schriftelijke vragen die door het college niet tijdig (oftewel binnen vier weken) en zonder dat een uitstelbericht is verzonden worden beantwoord, door de vragensteller mondeling in de eerstvolgende raadsvergadering aan de orde kunnen worden gesteld. In de praktijk blijkt een dergelijke 'dreiging' heel bevorderlijk voor het op korte termijn alsnog schriftelijk beantwoorden van de gestelde vragen.

 

 


14 dec 2010


Zoeken in de website: