Vraag: Vaststelling langstzittend raadslid
In artikel 77, lid 1, Gemeentewet staat dat het
langstzittende raadslid waarnemend voorzitter van de raad wordt. De
vraag is of deze periode aaneengesloten moet zijn. Een raadslid is
2 periodes afwezig geweest, maar is deze periode weer terug als
raadslid. Wanneer je de jaren bij elkaar optelt is hij het langst
zittende lid.
Antwoord:
De heersende opvatting is dat er geen eis geldt van een
ononderbroken zittingsperiode.
De criteria zijn als volgt:
• zittingsduur in de raad van de eigen gemeente
is bepalend;
• of de zittingsduur onderbroken is geweest is
niet relevant;
• zittingsduur in de raad van een andere gemeente
telt niet mee bij de bepaling van de som.
Daarnaast is het praktisch om het in de gemeente gebruik te maken
om altijd te besluiten over de invulling van het waarnemend
voorzitterschap. Hierdoor geeft de raad altijd expliciet aan
dat er draagvlak is voor de persoon die deze bij omstandigheden
zeer belangrijke functie in moet vullen.