Vraag: Stemming
Enkele vragen met betrekking tot art 28 van het
Reglement van Orde (modelverordening VNG). Artikel 28 lid 1 luidt:
"De voorzitter vraagt, of stemming wordt verlangd. Indien geen
stemming wordt gevraagd en ook de voorzitter dit niet verlangt,
stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder hoofdelijke
stemming is aangenomen." Betekent dit dat ‘hoofdelijke
stemming’ hier identiek is aan ‘stemming’ ?Met andere woorden: dat
een voorstel zonder stemming wordt aangenomen of kan worden
aangenomen? Betekent dit dat je maar twee soorten stemmingen hebt:
hoofdelijke stemming en schriftelijke stemming? Kun je zonder
hoofdelijke stemming toch een stemverklaring afgeven?
Antwoord:
De tekst van artikel 32, derde lid Gemeentewet, is
ondubbelzinnig: "Indien over een voorstel geen stemming wordt
gevraagd, is het aangenomen." Wel kunnen leden of fracties
aantekening vragen dat zij geacht worden te hebben tegen gestemd.
Als er wel stemming wordt verlangd, dan wordt er over zaken
hoofdelijk gestemd en over personen schriftelijk.
Verder wijzen wij op de - al vaker aangehaalde - publicatie van de
VNG ‘Syllabus Actualiteitencolleges Gemeentewet 2005’.
"(Raads)leden kunnen, om praktische redenen, aangeven geacht
te hebben tegengestemd. In de praktijk komen ook methodes voor als
stemmen met zitten en opstaan, handopsteken en elektronisch
stemmen.” Handopsteken moet dus worden beschouwd als een vorm van
stemmen.