Vraag: Mandatering WOB-verzoeken
De raad van een bepaalde gemeente heeft enkele
WOB-verzoeken ontvangen. Afdoening door de raad is omslachtig en
daarom heeft het presidium besloten de gemeenteraad te adviseren
een besluit te nemen om de bevoegdheid tot het afdoen van
WOB-verzoeken aan de voorzitter te mandateren. Binnenkort ligt dit
voorstel voor in de raad. In huis vraagt men zich af of het afdoen
van WOB-verzoeken, gelet op de aard van de bevoegdheid, wel
gemandateerd kan worden. In het bijzonder omdat de te mandateren
bevoegdheid niet in de sfeer van de normale bevoegdheidsoefening
van de gemandateerde ligt. Daarnaast is de vraag of artikel 10:4
lid 1 mandaat aan niet-ondergeschikte van toepassing is.
Antwoord:
Het is niet voor de hand liggend om de mandatering bij de
voorzitter van de raad te leggen, omdat de burgemeester niet
werkzaam is onder verantwoordelijkheid van de raad. Mandatering aan
de griffier is meer voor de hand liggend. In Hoogeveen bijvoorbeeld
handelt de griffier dit soort verzoeken al lang namens de raad af.
Het gaat dan bijvoorbeeld om aan de raad gerichte brieven.
Afhandeling kan ook zijn doorzending aan het college, omdat dit
bevoegd is op het verzoek te beslissen. Een andere mogelijkheid is
mandatering aan het presidium.