De komende griffier Jolien Houtman …“Het is soms een eenzaam beroep”
“Het griffierschap is een mooi, maar ook een eenzaam beroep. Soms wil je met iemand kunnen overleggen over hoe je dingen kunt aanpakken.” Dit zegt Jolien Houtman. Zij is sinds 1 januari griffier van de gemeente Leusden, waar zij Tijs Rolle is opgevolgd. Daarvoor was zij plaatsvervangend griffier in Utrechtse Heuvelrug.
Wat is je
achtergrond?
“Ik heb rechten gestudeerd. Ik heb jarenlang als jurist gewerkt bij
verschillende gemeenten. Toen ik bij stadsdeel Osdorp werkte,
leidde ik ook het proefproject voor dualisme en bestuurlijke
vernieuwing. Toen heb ik er al eens over gedacht om griffier te
worden. In Utrechtse Heuvelrug kwam er een plek vrij voor een
plaatsvervangend griffier. Daar ben ik toen op ingesprongen en heb
dat zo’n 4 jaar gedaan. Na die functie was het een logische stap om
griffier te worden.”
Wat vind je aantrekkelijk aan het beroep?
“Het is heel breed. Als je griffier bent, weet je heel goed wat er
in de gemeente speelt. Het is heel leuk om raadsleden te adviseren
en te ondersteunen in het proces om zo goed mogelijk een standpunt
te bepalen en uit te dragen. Je bent een spin in het web en hebt
contact met de raad, raadfracties, de ambtelijke organisatie en de
burger. Je adviseert burgers ook hoe ze iets onder de aandacht
kunnen krijgen bij de raad. Als jurist daarentegen ben je vaak heel
solo gericht bezig. Ook houd ik van goede debatten en zit daar
graag bij.”
Ervaar je ook knelpunten?
“Je hebt een vrij eenzame positie in de organisatie. Ik heb een
assistent-griffier die een halve werkweek werkt en verder moet ik
het zelf doen. Je loopt op eieren, omdat alles als politiek
gevoelig kan worden opgevat. In mijn vorige baan was ik
plaatsvervangend griffier en discussieerden de griffier en ik heel
veel over dingen. Ik mis dat wel. Soms wil je even met iemand
overleggen.”
“Een ander knelpunt vind ik dat je als griffier vaak de vraag
krijgt hoe de raad ergens over denkt. Die is soms heel moeilijk te
beantwoorden. De raad bestaat uit individuen (hier zijn dat er 21)
en raadsfracties met verschillende belangen. Die denken niet
allemaal hetzelfde Je kunt pas zeggen hoe ze ergens over denken als
ze zich tijdens een raadsvergadering uitspreken en erover stemmen.
Je kunt daarom niet in alle opzichten de vooruitgeschoven post van
de raad zijn.”
Is het beroep de pioniersfase voorbij?
“Die tijd is wel voorbij, ja. Bij veel griffies is de eerste
griffier of zijn opvolger vertrokken. De eerste griffier hier in
Leusden heeft de griffie helemaal opgezet. Ik ben aan het uitbouwen
wat hij heeft neergezet. Hij heeft heel strak ingezet op dualisme.
Ik ben meer op samenwerking gericht. Die eerste griffier was
overigens Tijs Rolle die hier nu wethouder is geworden. Dat is wel
een bijzondere stap binnen de eigen gemeente. Maar hij loopt me
niet voor de voeten en laat het me helemaal op mijn eigen manier
doen.”
Waarom ben je eigenlijk naar Leusden gegaan?
“Ik wilde graag mijn eigen toko hebben. Ik vind het lekker om zelf
eindverantwoordelijk te zijn. Ook heb ik ooit eerder in Leusden
gewerkt. De grootte vind ik wel mooi, met 30.000 inwoners en 21
raadsleden.”
Wat vind je van de VvG als vereniging?
“Ik ben heel tevreden over de vereniging. Ik vind het leuk om naar
bijeenkomsten te gaan. Het is goed dat ze een kennisbank hebben
opgezet, opkomen voor de belangen voor de griffiers en dat we
gezamenlijk kunnen nadenken over wat een griffier kan bijdragen. Er
zijn heel veel ‘sologriffiers’. Dan is het heel fijn om
ondersteuning te krijgen. Dat maakt ook dat het beroep
professionaliseert.”
“Wat misschien moeilijk is voor de vereniging is dat de functie
heel verschillend kan zijn. Het maakt uit of je in een kleine
gemeente werkt of in een grote stad. Wat voor de ene griffie geldt,
is voor de ander misschien heel anders. Kleine gemeenten hebben
bijvoorbeeld niet veel aan een heel uitgebreide verordening voor
werkgeverschap.”
Bron:
Nicis Institute, Karin Kosmeijer