Resultaten eerste DoeMee-onderzoek zijn bekend
De raad kan in de meeste gevallen het collegeprogramma onvoldoende inzetten als sturingsinstrument bij kaderstelling van en controle op beleid. De hoofdoorzaak hiervan is dat meerjarige beleidsvoornemens in collegeprogramma’s te weinig uitgewerkt worden in concrete maatregelen en gewenste resultaten en daarbij nauwelijks financieel onderbouwd worden. Dit blijkt uit de resultaten van het eerste DoeMee-onderzoek, waarin De Lokale Rekenkamer samen met een groep enthousiaste lokale rekenkamers voor zo’n twintig gemeenten de kwaliteit van de collegeprogramma’s toetste.
Beschrijving
De centrale vraag bij dit gezamenlijke onderzoek luidde: in hoeverre expliciteren de colleges van 2006 in het collegeprogramma naar de raad welke beleidsmatige koers zij in de komende bestuursperiode willen gaan varen en zijn meerjarige speerpunten van beleid zodanig geformuleerd dat de raad in staat is op de uitvoering hiervan te sturen? Immers, het collegeprogramma geeft de raad een instrument in handen om vooraf en tussentijds het college bij te kunnen sturen en achteraf op af te kunnen rekenen. Het collegeprogramma vormt daarmee ook een meerjarig kader voor de jaarlijkse programmabegrotingen en jaarrekeningen.
Vijf criteria voor een goed collegeprogramma
In de meeste gemeenten is de aanzet van het collegeprogramma goed, maar zijn er nog verbeteringen mogelijk met name wat betreft het meetbaar formuleren van doelen en de financiële onderbouwing van het programma. Vijf criteria waaraan een collegeprogramma zou moeten voldoen om een goed sturingsdocument te kunnen zijn:
- Duidelijke plaatsbepaling ten aanzien van andere sturingsdocumenten
- Herkenbare strategische koersbepaling
- Toetsbaar programma
- Volledig beeld van meerjarig beleid
- Gedegen financiële vertaling
Deze vijf criteria komen terug in de handreiking die De Lokale Rekenkamer heeft opgesteld. Er zijn geen wettelijke richtlijnen opgesteld waaraan een collegeprogramma moet voldoen. Het is ook geheel niet wenselijk. Toch zijn een aantal tips en goede voorbeelden zeer bruikbaar voor alle gemeenten. Gemeenteraden kunnen de handreiking gebruiken om wensen met betrekking tot de inrichting en invulling van het collegeprogramma te expliciteren.
Vroeg afstemmen
Een andere belangrijke conclusie van het onderzoek is dat gemeenteraden het beste al vóór de verkiezingen keuzes kunnen maken met betrekking tot de invulling en inrichting van het collegeprogramma. Ook moet er zo vroeg mogelijk afstemming plaatsvinden met het ambtelijk apparaat over een breed gedragen plan van aanpak. De meeste worstelingen in gemeenten met het opstellen van een collegeprogramma, zijn namelijk terug te voeren op het ontbreken van zo’n plan van aanpak.
Direct bij de start van het onderzoek werd al duidelijk dat er bij gemeenten geen eenduidig beeld is van het fenomeen ‘collegeprogramma’. De uitwerking van de beleidsvoornemens uit het coalitieakkoord wordt bij sommige gemeenten geïntegreerd in de kadernota of voorjaarsnota, bij andere gemeenten wordt een afzonderlijk collegeprogramma opgesteld of neemt de raad het initiatief met een raadsprogramma. De Lokale Rekenkamer heeft voor het onderzoek vastgehouden aan de definitie ‘collegeprogramma’ zijnde een document waarin de belangrijkste gemeentelijke beleidsvoornemens zijn vastgelegd die men tijdens de huidige collegeperiode wil realiseren.
Rapporten aangeboden aan de gemeenteraden
De eerste rapporten zijn inmiddels aangeboden aan de gemeenteraden van Dongen, Pekela, Leeuwarden, Rheden, Renkum, Castricum, Den Helder, Nieuwegein, Alkemade en Doetinchem. Op korte termijn volgen de rapporten voor Barneveld, Langedijk, Goirle, Loon op Zand, Bussum, Rucphen, Coevorden, Breda en Krimpen aan den IJssel. De ‘Handreiking Collegeprogramma’s in het gemeentelijk bestel’ is te downloaden op de website van de Lokale Rekenkamer. Ook de afzonderlijke rekenkamerrapporten van het DoeMee-onderzoek zijn daar verzameld.
Inmiddels heeft De Lokale Rekenkamer een tweede DoeMee-onderzoek geïnitieerd. Deze keer nemen wij het onder rekenkamers populaire onderwerp ‘Verbonden Partijen’ onder de loep. Gemeenten hebben uiteenlopende redenen om delen van de uitvoering van beleid bij een Verbonden Partij onder te brengen. Of deelname aan een Verbonden Partij de verwachtingen ook waarmaakt is voor veel gemeenteraden een onbeantwoorde vraag. In dit onderzoek wordt de kwaliteit van het beleidskader getoetst en worden casestudies verricht. Lokale rekenkamers kunnen zich nog opgeven voor dit DoeMee-Onderzoek.
Bron